
“Geschiedenis leeft pas echt wanneer je haar durft te vertellen”, schreef Kees Thies in zijn column van 2 augustus in het AD. Ik lees Kees al jaren, al is het steeds met enige vertraging want ik ben niet geabonneerd op die krant. Ik ben hem meer gaan waarderen sinds hij de eh…’s en verkleinwoordjes min of meer heeft losgelaten en schrijft waar het echt op staat. Verfrissend.
Maar klopt die uitspraak wel? Waarom zou je geschiedenis niet durven vertellen en wat is er zo riskant aan als je het wel doet? Nou heb ik hier in eigen stad wel een paar voorbeelden van wat er met je gebeurt als je de geschiedenis van je stad ontdoet van aangekoekte ballast, zie de reden waarom ik destijds met mijn blog Apud Thuredrech ben gestopt. Maar als bonafide historicus ben ik nooit bang geweest om in de openbaarheid te gooien wat er vroeger nou eigenlijk gebeurd is en waarom. Daar ben ik voor opgeleid. Dat is mijn werk. Misschien bedoelt hij dan lieden die geen historici zijn en desondanks wat vinden van geschiedenis?
Hij klaagt namelijk nogal over het gebrek aan promotie voor onze iconen (beelden, van oud-grieks ‘eikoon’=afbeelding) de gebroeders De Witt. Nou hebben we net een grote expo in het museum gehad (dat was niet in het verleden maar vorig jaar, Kees, hij was in december 2025 pas afgelopen) en Jean-Marc van Tol heeft al twee boeken, Musch en Buat, over met name Johans leven en zijn omgeving geschreven (waar blijft nummer drie Jean-Marc?) die het goed doen en we hebben eveneens vorig jaar een tv-documentaire met Huub Stapel over de Grand Tour van de gebroeders gezien. Ik kom trouwens steeds meer groepen tegen die bij het standbeeld uitleg over hun leven en dood krijgen. Me dunkt dat er de afgelopen jaren al behoorlijk wat aandacht aan de De Witten is besteed. Wat wil je dan nog meer?
Als ik het goed begrijp moeten we door het jaar heen meer met de gebroeders doen. Kees heeft het over een jaarlijks terugkerend festival met “feesten, lichtshows, films, stadswandelingen, lezingen en speciaal De Wittbier”. Ik moet daar persoonlijk niet aan denken! Nog meer toeristen trekken, terrassen inrichten, hotels en B&B’s beginnen om de bezoekers dan langer dan een dagje vast te houden, zodat die ook rendabel worden? Ik gruw van al die stadsfeesten die na eenmaal klein te zijn begonnen binnen de kortste keren uit de klauw liepen of vanwege gebrek aan organisatiekunde opgeheven werden. Big Rivers en Stoom uitgezonderd. Ik ga al niet naar die tamelijk rustige 20 augustus herdenking, want waarom zou je je een bloedige en verraderlijk lynchpartij willen blijven herinneren met een praatje, een gedichtje, een muziekje en een bloemetje.
Op het eerste gezicht heeft dit ook niks met het durven geven van een stuk uitleg van waargebeurde geschiedenis. Het lijkt eerder een hedonistisch spektakel van bier en spelen rond een paar mannen die hier zijn geboren, maar wiens werkzame leven en dood buiten Dordrecht plaatsvonden. Waarom? Gaat die geschiedenis daardoor leven? Natuurlijk niet. Het zal iedereen, en zeker de toeristen, worst wezen wat de aanleiding is en of ze er wat van opsteken. Net zoals 800 jaar Dordrecht helemaal niet ging over het stadsrecht dat herdacht werd. Het zou eerder een uiting van misplaatste durf zijn van Dordt Marketing om de geschiedenis te misbruiken. Ik hoop dat er niks van terecht komt.