
De radio-journalist Ben Corino plaatste in het kader van het op 20 augustus voor het 10de jaar plaatsvindende terugkijken op de ‘lynching’ van de gebroeders De Witt, een stukje ter herinnering aan die gebeurtenis op Facebook. Hij schreef daar onder andere in: “Ze waren Dordtenaren en daar mogen we trots op zijn.”
Ik heb altijd problemen gehad met dat type ‘trots zijn op’. Kan je trots zijn op plaatsgenoten die al eeuwen dood zijn en die dan nog wel op zo’n bloedige manier aan hun eind zijn gekomen? Of gaat hier meer om trots zijn op hun daden tijdens hun leven? Dat ze premier van de republiek der Zeven Verenigde Nederlanden en burgemeester van Dordrecht (1666-67) waren en dat niet gek deden. Of dat Jan een kei was in wiskunde of dat Kees met Michiel de Ruyter de ketting in de Medway aan barrels voer (wat waarschijnlijk een fabeltje is en De Ruyter was er niet bij, die was ziek).
Het lijkt er meer op dat het feit wordt bedoeld dat deze dekselse mannetjesputters in Dordrecht geboren werden en dat het daarom een gevoel van trots op zou moeten roepen. Maar dat konden zij toch niet helpen? Hun ouders waren Dordts en ze woonden hier! Ze oefenden hun functies, waar ze toch voor een groot deel voor worden herdacht, trouwens meestal buiten Dordrecht uit. Het is niet bekend of ze nou zo veel voor hun vaderstad gedaan hebben. Waarom moet je dan om die reden trots op die mannen zijn?
En moet iedereen trots zijn op Jan en Kees, of alleen Dordtenaren? Mogen Sliedrechters ook meedoen? En andere buitenlanders? Nou ben ik, ex-Sliedrechter, niet zo vierderig en herdenkerig. Ook niet als het om dode Sliedrechters gaat, terwijl ik toch mijn stamboom tot ver voor 1600 in het baggerdurp kan terugvoeren. Je zal mij Adriaan Volker niet zien of horen prijzen, of de heren Bos en Kalis. Mijn vader en opa hebben voor hen gewerkt, maar ze hadden, naar ik me herinner, geen hoge pet op van die heren.
Ik ben wel trots op mijn vrouw, kinderen en kleinkinderen, die opgegroeid zijn en nog opgroeien tot nuttige, slimme en vriendelijke Nederlanders, maar dat ga ik niet overal rond lopen bazuinen. Ik ben trots op sommige dingen die ik heb gedaan en heb geproduceerd, maar daar hoef ik niet voor gefêteerd te worden. Of steeds weer aan te worden herinnerd. Nou ja, ik heb voor enkele daarvan een lintje gekregen, maar met het bewijs daarvan rond blijven lopen gaat mij te ver.
Ik vind dat standbeeld van de broers De Witt op de Visbrug een treffend ding. Het is een aantrekkelijk monument om bij stil te staan en belangstellenden uit te leggen wie die mannen waren aan mensen die geen Nederlands kunnen lezen. Dat doe ik wel eens voor of na een bibliotheekbezoek. Niet dat die toeristen begrijpen waarom die figuren, na zulke hoge functies te hebben bekleed, dan toch zo bloederig aan hun eindje kwamen. Maar om dan ook nog eens de machinaties van de Oranjes te gaan uitleggen, waardoor het zover kwam, kost me te veel tijd. Ik hoop alleen dat dat soort duister politiek gekonkel, zoals het nu ook plaatsvindt (met veel ernstiger gevolgen!), door de moderne Dordtenaar en Nederlander onderkend wordt. En dat die gênante fietsenstalling eens een keer opgeruimd wordt. Afijn, dat zal deels wel gebeuren als de bieb naar het Dordthuis verhuist.